Recensie van het concert in Paradiso, door Anjo v/d Wal

Paradiso
Ofschoon op woensdag het Nederlands elftal tegen Schotland speelde, besloot ik andermaal de Tr÷ckener Kecks te bezoeken. Ditmaal in Paradiso in Amsterdam. Met de trein ging ik er heen. De warme maaltijd was 's-middags genuttigd in het bedrijfsrestaurant van EZ. Thuis een boterham eten ging niet meer. Om aan tijd niet te verliezen moest ik afzien van een hamburger of iets dergelijks in de Burger King op Den Haag CS. Ik besloot in Amsterdam verder te zien en het stillen van mijn honger uit te stellen.
In Amsterdam aangekomen bezocht ik eerst de Pizza Hut op Amsterdam Centraal en vervolgens liep ik naar de Nieuwendijk om daar MacDonald's binnen te stappen voor aanvulling. Nadat ik genoeg gegeten had, zette ik de tocht naar Paradiso voort. Doordat ik niet gelijk op het Centraal Station begonnen was een tram te zoeken, die mij naar de poptempel zou brengen, maar te voet begonnen was, zette ik in een onnadenkende bui de voettocht met alle plezier naar Paradiso voort.
Eenmaal in Paradiso aangekomen was het voorprogramma al begonnen. Net als in Leiden was dat weer De Mens van Frank van der Linden. Pieter Bon had er zeker al genoeg van om langer in het voorprogramma van de Kecks te spelen. Hoewel ik Frank the Man en zijn band best wel kon appreciŰren had ik toch zoiets van "Ik heb dit wel gezien," en ging in de zijbeuk rechts van het podium op een stoeltje zitten. Rechts van mij keken twee meisjes mij vriendelijk aan, alsof ze nog zo blij waren, dat ik bij ze kwam zitten. Het publiek in Paradiso is heel vaak alleraardigst, zo aardig, dat je op moet passen met denken in de trant van "Waar heb ik dit aan verdiend?" Ik ging even een biertje halen en liep onderweg tegen een meisje op.
"Neem me niet kwalijk," zei ik.
Ze glimlachte dankbaar.
Ik ging weer in de beuk zitten. Een van de meisjes had geconstateerd, dat ik het voorprogramma niet veel bijzonders vond, hoewel ze het liet bij een algemene constatering daarvan. Zo van: "Niet veel bijzonders, hŔ?" Ik reageerde enigszins lauw, bevangen als ik was door de klamme hitte, waar je helemaal lusteloos van wordt, want evenals bij het concert van Sjako! was het weer wezenloos warm in Paradiso. Dat Van der Linden echt iets kan, werd bewezen in het liedje Patty's Blues, waarvan alleen de titel al verwijst naar originaliteit. De Europese hoofdstad van de seks was volgens hem Gent. Dat kan ook Antwerpen geweest zijn. Mij maakt het niks uit, want voor mij is dat Amsterdam.
Nadat het voorprogramma weg was, bleef ik nog even zitten, want ik zou nog lang genoeg staan die avond. Vervolgens begon ik alvast een plek te zoeken en vond die tussen een beetje vrouwvolk, wat altijd wel plezierig is. Ineens realiseerde ik mij, dat ik op een plek stond, waar ik vaker gestaan had. En dus werd de conclusie getrokken, dat ik soms een neiging had vooraan aan de rechterkant te staan bij een concert in Paradiso. Nu ik dit opschrijf, schieten allerlei door mij bezochte concerten in Paradiso door het hoofd, waarin dit niet het geval is, maar bij de Kecks had ik daar zeker al een keer eerder gestaan. Dit moest natuurlijk zijn uitwerking hebben op het verloop van de avond. Dat kon niet missen. En nadat de Kecks op het podium waren gekomen, nam ik mij voor mijn eigen neiging te besturen. Dit deed ik nog niet direct, want het was veel te gezellig bij de meisjes. De Kecks werkten wel zo ongeveer de set af, die ze in Leiden ook al speelden en die ik toen met de boomlange Wim Pasmooij achteraan bekeken had..en natuurlijk beluisterd, dat spreekt voor zich! Een publiek als het Amsterdamse kreeg je minder gauw hondsdol als in andere plaatsen, dat merkten de Kecks ook wel. In de toegift werd gestart met de tot ultieme meezinger verheven Ik denk nooit meer aan jou (liefst in een soort canon als een stelletje papegaaien)! Het publiek nam de regel niet of nauwelijks over. Een meisje, dat naast mij stond, keek mij eens ondeugend aan, terwijl ze het refreintje hoorde zingen. Een opwelling tot plagen kwam bij haar omhoog, want ze zei tegen mij:
"Ik heb eigenlijk nog nooit aan jou gedacht!"
"Nou..zeg!" repliceerde ik.
Gaandeweg werd ook Paradiso ingepakt in de meezingneiging en Rick de Leeuw toonde zich een tevreden mens. Ik was inmiddels tot bij het podium geslopen, precies op de plaats waar Rob van Zandvoort zijn keys bespeelde. Daardoor kreeg ik de gelegenheid me voor te stellen hoe het was om bandlid te zijn, maar dan ook nog eens op deze bescheiden, maar zeker niet minder nadrukkelijke positie. Vlak van te voren zag ik achterin de podiumruimte, tegen de coulissen aan een echte piano staan met een kruk ervoor en een laken er overheen. Tegen een meisje, dat eveneens tegen het podium aangeleund stond, merkte ik over de toetsenuitrusting van de Kecks op:
"Ik zou daar het liefst een stoel neerzetten. Piano spelen doe je zittend!"
"Hij staat altijd," zei het meisje over de toetsenist. "Vindt-ie lekker."
"Ja? Krijgt hij 'm ervan omhoog?" vroeg ik in een poging ondeugend te zijn.
"Daar weet ik niks van af!" reageerde het meisje.
Het was best wel leerzaam om Van Zandvoort daar in zijn mooie pak de toetsen te zien beroeren, soms met maar enkele bewegingen, dan weer met nadrukkelijker, uitgebreidere versiering. Af en toe werd hij gewaar, wat zich naast hem afspeelde in het publiek bij hem in de hoek en hij keek naar beneden. Soms verviel hij dan in een grijns en deed verder zijn werk. De Leeuw introduceerde ondertussen Van der Linden weer op het podium en alsof we nog niet wisten, naar wie we gekeken hadden, riep Frank een aantal keren: "Dit zijn de Kecks! Ja, dit zijn nou de Kecks!" Vervolgens zette de hele groep, behalve Rick de Leeuw, want die had zijn positie afgestaan aan Frank van der Linden, een liedje van laatstgenoemde in. De Leeuw, inmiddels helemaal bezweet, zonder het mooie sjieke jasje en met klammend, plakkend piekhaar, kon niet nalaten toch de hem eigen bewegingen te maken op het podium. Tot een collegiale omhelzing kwam het ook. Ook Rob van Zandvoort, immer aanwezig, kon niet nalaten met een kleine aanraking van zijn hand de mens achter De Mens een compliment te maken.
Vlak voor de tweede toegift werd als gewoonlijk weer verzocht om de aloude Kecksklassieker Tango aan zee, door meervoudig Nee nee nee te scanderen. Het werd echter Achter glas, dat beter dubbel glas had kunnen zijn, want De Leeuw wilde weer een aantal bijzonder stille momenten in de uitvoering van dit nummer inlassen en zoiets is in een zaal als Paradiso zo goed als onmogelijk. Inmiddels had ik een brok van een meisje gezien in een zwarte jurk en met kort, vlak, afgeknipt haar. Op de een of andere manier lukte het mij om er dichtbij te staan. Het leek er zelfs op dat ze het uitlokte. Eerder al had ik haar hand op mijn rug gevoeld. Wel even oppassen voor haar fototoestel, want ze wilde nog een paar aardige plaatjes schieten. Ik stond nu midden voor het podium en toch nog vooraan. De laatste nummers werden afgewerkt. Ook nu was te zien, dat Van Zandvoort niets ontging vanachter het keyboard. Hij bleef sto´cijns, maar kon af en toe een grijns niet onderdrukken. Na afloop stonden de heren gearmd voor een laatste buiging en daarna vertrok men. Ik geloof iets van drie of vier toegiften gehoord te hebben. Intussen had ik op zeker drie posities in de zaal gestaan om het concert mee te maken, zodat ik wat stuur had gekregen over mijn eigen neigingen.

Na afloop was het tijd voor een dansfeestje. Hoewel het woensdag was, dus een doordeweekse dag, ging Paradiso door alsof het weekend was. Aan een paar mensen vroeg ik hoe laat hij dicht ging. Niemand wist het antwoord. Het was nog steeds warm in de zaal. Ik kreeg de behoefte iets te doen wat ik zelden deed. Toen ik eenmaal het goede voorbeeld gezien had, twijfelde ik niet meer. Met het risico dat ik trammelant met het personeel zou krijgen, hees ik me uit mijn shirtje, maakte dat aan mijn broekriem vast en bleef zo staan dansen, in mijn blote bovenlijf. Niemand reageerde er echt op, dat wil zeggen, dat verderop een paar meisjes moeite moesten doen er niet naar te kijken. Daarvoor was een meisje met koperkleurig haar en witte kleren aan, die er opvallend bruin uit zag. Met de mogelijkheid met een hoogtezonnetje te maken te hebben ging ik naar haar toe en vroeg:
"Ben jij op vakantie geweest?"
"Ja," zei ze en alsof ze Rika Jansen was vervolgde ze gretig in haar "Amsterdam Huilt"-klanken: "Iedereen is hier een beetje jaloers op me, omdat ik er zomers en bruin uit zie en verder iedereen nog in de winterkleren zit. Als je net terug bent, is wat je hier vindt best een verschil met waar je vandaan komt."
"Waar ben je heen geweest?"
"Naar de Canarische Weilanden." Ik zweer je dat ze dat echt zei.
De muziek was leuk en afwisselend. Ik had mijn shirt weer aangetrokken en luisterde naar de plaatjes. Plaatjes van de Kinks en de Beach Boys werden afgewisseld door die van de Pixies, de Beatles, Jackson Five, U2. Leuk gemengd maakten ze er een bonte nacht van. Bij "I want you back" van Jackson Five kwam de plaaggeest weer bij mij naar boven. Een meisje was op zoek naar het gedeelte, waarin ÚÚn van de broertjes met bolle wangen het poo-poo-poo-poo-poo gedeelte stond te zingen. Ze wachtte af, probeerde en onderwijl hield ik plagend mijn vuist voor haar mond bij wijze van microfoon. Lachend duwde ze mijn vuist weg. Het volgende plaatje was Even better than the real thing van U2 met als refreintje You're the real thing. Ik kon niet nalaten met naar de een en de ander te wijzen en te knikken. Een jongen zag dat ik naar zijn vriendin wees. Hij gaf me veel bijval, behalve toen ik ook naar hem wees. Toen viel het wel mee met de bijval. Nu en dan moest ik de bar aandoen. Daarbij dook ik ook maar eens in het witbier, dat in hetzelfde bekertje werd gegoten met ditmaal een schijfje citroen op de rand. Een jongen had een Torhout Werchter shirtje aan van de festivaleditie van 1991. Ik deelde hem mee het Torhoutgedeelte te hebben bezocht in de drukkende hitte, terwijl 's avonds, tijdens de bijdrage van Sting, het onweer losbarstte en de regen naar beneden stortte. Liefkozend verwees hij naar de bijdrage van de Pixies, waarbij de zang veranderd was in speenvarkenachtig geschreeuw. Ik vertelde hem, dat mij dat niet zo boeide en dat de Pixies in 1989 op Pinkpop in beteren doen waren, omdat er toen wel gezongen werd. Het gedeelte daarvoor op Torhout was beter, vond ik. Dat was Bonnie Raitt.
"Dat is mij te country-achtig," antwoordde mijn bebrilde gesprekspartner.
"Er is niets mis met country," vervolgde ik. "Bovendien is het countryblues, geen country & western."

De leden van de Kecks werden later ook nog in de zaal gesignaleerd. Ik zag eerst de bassist in gesprek met uitgerekend het meisje, dat dat fototoestel bij zich had. In die zwarte jurk dus. De fotografe leek met alle leden van de band bevriend te zijn.
Wat het drinken betreft, besloot ik nog maar eens mijn laatste centen bijeen te rapen en naar de bar te lopen met de bedoeling weer zo'n witbiertje te bestellen. Helaas..net op het moment dat ik wilde bestellen sloot de bar. Ik keek op mijn horloge: het was vier uur. Dit was dus het moment waarop Paradiso, ditmaal op woensdag, ging sluiten.

Leesvoer